Nacho Duato

Niet veel choreografen hebben het tot sekssymbool geschopt, maar Nacho Duato (Valencia, 1957) heeft – met name in zijn geboorteland Spanje – jarenlang met dit imago gekampt. Overal waar hij kwam werd hij belaagd door fans die om zijn handtekening vroegen, en ging hij een dagje naar het strand dan werd hij achtervolgd door paperazzi. 

Idool

De kiem van die populariteit werd gelegd in Den Haag, waar Duato van 1981 tot 1990 bij het Nederlands Dans Theater danste. Hij groeide er – uitzonderlijk voor dit gezelschap – uit tot een waar idool dat alom werd geprezen om zijn technische begaafdheid en sensuele toneelpersoonlijkheid. En dat terwijl Duato pas op 18-jarige leeftijd met een dansopleiding startte, aan de Rambert School in Londen. Gevolgd door korte studies aan de Mudra School van Maurice Béjart in Brussel en het Alvin Ailey American Dance Centre in New York, en een eerste danserscontract bij het Zweedse Cullberg Ballet.

Overweldigend debuut

Twee jaar na zijn overstap naar het Nederlands Dans Theater maakte Duato zijn eerste choreografie, Jardí Tancat op muziek van de Catalaanse folkzangeres Maria del Mar Bonet. Een overweldigend debuut dat er, met enkele volgende werken, toe bijdroeg dat hij al snel als de ‘kroonprins’ van het Danstheater werd gezien: de gedoodverfde opvolger van artistiek directeur Jiří Kylián. Maar Duato koos er in 1990 voor terug te keren naar zijn geboorteland, waar hij de artistieke leiding van het Madrileense Ballet Lírico Nacional de La Zarzuela op zich nam. Een traditioneel, log gezelschap dat hij omtoverde tot de jonge, dynamische Compañía Nacional de Danza, een groep die al snel internationale erkenning kreeg.

De choreograaf Nacho Duato

Twintig jaar leidde Duato het Spaanse gezelschap en hij creëerde er talloze werken. Critici bleven zijn choreografieën vaak vergelijken met die van zijn leermeester Jiří Kylián. Maar hoewel beiden uitblinken in muzikaliteit en een vloeidende, expressieve bewegingstaal, zijn er ook duidelijke verschillen. Duato’s vocabulaire is aardser, minder celebraal, en passie – hij blijft per slot van rekening een Spanjaard – vindt hij belangrijker dan perfectie. Ook in zijn onderwerpkeuze is Duato vaak uitgesprokener dan Kylián; zo maakte hij onder meer een choreografie over de gevolgen van drugsgebruik.

Mikhailovsky Ballet

Door de jaren heen had Duato regelmatig problemen met de Spaanse bureaucratie en een nieuw conflict met het ministerie van Cultuur leidde in 2010 tot zijn vertrek naar Sint-Petersburg. Hier voerde hij tot voor kort het Mikhailovsky Ballet van miljardair Vladimir Kekhman aan, een klassiek balletgezelschap dat van de eigentijds georiënteerde Duato een totaal andere aanpak vereiste. In Rusland creëerde hij onder meer een nieuwe Sleeping Beauty en Notenkraker; zijn moderne choreografieën werden er uitgevoerd door topballetsterren als Svetlana Zakharova, Diana Vishneva, Natalia Osipova en Ivan Vasiliev. Met ingang van februari 2014 is Duato artistiek directeur van het Duitse Staatsballett Berlin. Bij het Mikhailovsky Ballet blijft hij aan als huischoreograaf.

Prestigieuze balletgezelschappen en prijzen

Werken van Duato worden door prestigieuze balletgezelschappen over de hele wereld gedanst, waaronder het Ballet de l’Opéra de Paris, het Engelse Royal Ballet, het Stuttgarter Ballett, American Ballet Theatre, San Francisco Ballet en The Australian Ballet. Introdans heeft door de jaren heen zes van zijn creaties op het repertoire genomen. Duato ontving voor zijn werk talloze prijzen, waaronder de internationale Benois de la Danse-prijs en de Spaanse Medalla de Oro de las Bellas Artes. De Franse overheid benoemde hem tot Chevalier dans l’Orde des Arts et des Lettres.

 Balletten op het repertoire van Introdans:

  1.   Uccelli (1997)
  2.   Cor perdut (2001)
  3.   Na Floresta (2001)
  4.   Por Vos Muero (2007)
  5.   Rassemblement (2009)
  6.   Sinfonía India (2012)