Roel Voorintholt

Een leven niet alleen in het teken van de dans, een leven in het teken van Introdans. Zo is de gepassioneerde levensloop van Roel Voorintholt (Enschede, 1961) waarschijnlijk het best te typeren. Al meer dan dertig jaar is hij verbonden aan het gezelschap dat hij als jonge dansstudent al mateloos bewonderde. In seizoen 1982/83 kwam hij als vervanger van een geblesseerde danser bij de groep, sinds 2005 is hij er artistiek directeur. En in de afgelopen ruim drie decennia heeft hij Introdans zien ťn helpen uitgroeien van een kleine groep die de bezieling voor dans met name in buurthuizen en gymzalen in Oost-Nederland overbracht tot een bruisende organisatie die als derde dansgezelschap van Nederland een belangrijke plaats inneemt in het culturele leven in ons land en ver daarbuiten.

Een zelfstandige jeugdafdeling opzetten

Voorintholt raakte als tiener in de ban van de film Saturday Night Fever (1977) en met de ambitie de tweede John Travolta te worden besloot hij op jazzballet te gaan. Al gauw viel zijn talent op en op de Solex van zijn moeder mocht hij naar de vooropleiding van het conservatorium, dat danslessen in een voormalig klooster in Glanerbrug verzorgde. Later stapte hij over naar de Dansacademie in Arnhem, waar hij direct een groot fan van Introdans werd. Eenmaal aangenomen bij de groep ontwikkelde hij zich in korte tijd tot een van de gezichtsbepalende dansers. Vooral zijn rol als koning Ludwig van Beieren in Ton Wiggers’ The Dream King was hem op het lijf geschreven. In 1989, twee jaar na de premiŤre van dit ballet, gaven Ton Wiggers en Hans Focking – die op dat moment de Introdans-directie vormden – Voorintholt de opdracht een zelfstandige jeugdafdeling op te zetten, in 1997 omgedoopt tot voorheen Introdans Ensemble voor de Jeugd. Onder Voorintholts leiding ontwikkelden zowel dit jeugddansgezelschap als de later verzelfstandigde educatieafdeling (sinds 2009 Introdans Interactie geheten) zich tot organisaties van toonaangevend belang.

Artistiek team met Ton Wiggers

In 2001 werd Voorintholt, volgend op het afscheid van Hans Focking, benoemd tot mede-artistiek directeur van Introdans, naast artistiek directeur van het eerste uur Ton Wiggers. Vier jaar later kwamen de twee tot een herverdeling van de taken: Voorintholt zou voortaan de artistieke verantwoordelijkheid voor zijn rekening nemen, Wiggers de zakelijke. Het gezelschap blijft in de nieuwe situatie trouw aan zijn oorspronkelijke ambities – ‘Introdans staat voor toegankelijke, niet-elitaire dans op hoog niveau’ – maar Voorintholt voert wel een persoonlijke, aangescherpte koers. Zo is er een opvallende accentverschuiving merkbaar van het verhalende repertoire naar eigentijdse, meer abstracte choreografieŽn. Daarbij kent de programmering voortaan drie afzonderlijke pijlers: onder de noemer ‘Oude meesters’ koestert Introdans het werk van beroemde Europese en Amerikaanse meesterchoreografen, daarnaast worden exclusieve samenwerkingen aangegaan met jonge, reeds gearriveerde makers ťn er wordt stevig geÔnvesteerd in de ontwikkeling van nieuw choreografisch talent. “Introdans wil”, zei Voorintholt hier zelf over, “zijn publiek laten kennismaken met de grote schatten van de twintigste-eeuwse dans, maar de groep wil meer dan een geschiedenisboekje zijn: de nieuwe Van Manens en KyliŠns komen niet zomaar uit de hemel vallen. Je moet als groep ook investeren in de toekomst van de dans.”

Uitstekende neus voor wat kinderen aanspreekt

Het drie-pijlers-beleid krijgt bij het ensemble wat familievoorstellingen presenteert een heel eigen invulling. Voorintholt heeft, beamen ook bovengenoemde meesterchoreografen, een uitstekende neus voor wat kinderen aanspreekt. Hij vindt het daarbij van cruciaal belang dat kinderen topkwaliteit krijgen voorgeschoteld. “Kinderen kunnen veel meer aan dan je denkt. Je hoeft voor hen niet op je knieŽn te gaan, hen niet te ‘verpipodeclownen’ of te ‘verhiphoppen’.” Aanvankelijk leverde die visie hem in het dansveld de nodige sceptische reacties op, maar inmiddels geldt het ensemble wat familievoorstellingen presenteert als een lichtend voorbeeld van hoe je kinderen met ‘volwassen’ – maar dan wel kleurrijk en afwisselend gebracht – theater kunt raken. En met zijn enorme charisma krijgt Voorintholt het voor elkaar zelfs de grootste choreografen aan zich te binden. Hans van Manen: “Roel is zů innemend, die kun je simpelweg niets weigeren.”