Meritxell

 Barberá & Inma

García

< >

Meritxell Barberá en Inma García, die in 2003 samen het Spaanse TAIAT DANSA oprichtten, hebben niet wat je noemt een reguliere, enkel op dans gerichte opleiding achter de rug. De twee vrouwen – en geliefden – leerden elkaar weliswaar kennen op het Conservatorio Superior de Danza in hun woonplaats Valencia, waar beiden een bachelorgraad in hedendaagse dans haalden, maar Barberá (1980) volgde daarnaast ook nog een bachelorstudie informatiewetenschappen en journalistiek, terwijl García (1979) een bachelorstudie kunstgeschiedenis afrondde. Samen haalden ze daarna ook een master in cultuurmanagement en een diploma ‘Performing Arts Management’. Studies die, zeggen ze, hun nieuwsgierigheid hebben gevoed en hun besef “dat je als mens de power hebt om dingen te veranderen.”

Duizendpoten

De twee zijn culturele duizendpoten: naast hun dansgezelschap runnen ze samen GmExpresa (Gestión de Medios Culturales Expresa), een consultancybureau dat andere organisaties en gezelschappen op creatief en strategisch vlak bijstaat. Als een van de vele projecten van GmExpresa zijn ze ook het Spaanse kunstenfestival 10 Sentidos gestart, dat elk jaar in mei plaatsvindt in musea, theaters, cultureel centra en in de openbare ruimte in Valencia. Daarnaast werken beiden als universitair docent op het gebied van cultuur en cultuurmanagement.

De actualiteit speelt altijd een belangrijke rol in hun choreografieën. “We willen ons in ons werk verbonden voelen met wat er in de wereld gebeurt. Politieke en maatschappelijke ontwikkelingen, de recente opstand in Spanje van vrouwen tegen huiselijk geweld, het vindt allemaal zijn weg in ons werk. Maar nooit op een expliciete manier. Ons werk kent altijd verschillende, diepere lagen, waardoor elke toeschouwer er zijn of haar eigen interpretatie aan kan geven.”

Lastige keuze

Barberá was vijf jaar toen ze met klassiek ballet – destijds haar grote passie – begon. “Maar vanaf het begin wist ik al wel dat ik zelf wilde creëren.” García, die op dezelfde leeftijd startte, vond ballet ‘saai en gecompliceerd’. “Maar ik besefte wel dat dit de weg was naar andere, meer eigentijdse dingen.” Tegen het einde van hun dansopleiding deden ze beiden auditie voor een pre-professioneel programma, waarbij je als dansstudent gedurende drie maanden intensief met verschillende choreografen werkt. “Daarna wisten we dat we met elkaar wilden gaan choreograferen én ons eigen gezelschap wilden vormen. We waren nog hartstikke jong en moesten dus de lastige keuze maken tussen het dansen bij andere makers of ons eigen werk creëren. De impuls en de noodzaak om het laatste te doen was uiteindelijk – na anderhalf jaar dansen in onder meer Brazilië en Montpellier – het sterkst.” Barberá, lachend: “We wisten toen we 23 en 24 waren heel goed wat we wilden. Dat is met de jaren wel veranderd.” García: “We wisten vooral wat we níet wilden.”

Cinematografisch universum

Hun aanpak was aanvankelijk ‘gek en rebels’. “We waren obsessief bezig om onze eigen taal te vinden. Reflecteren op de rol van dans binnen de kunsten was daarbij voor hen zeer belangrijk, alsook het integreren van andere kunstvormen in hun werk. “Waarom neemt dans zo’n eigen plek binnen de kunsten in? Dans is geen divertiment- of entertainmentshow. Dans kan als geen andere kunstvorm het menselijk brein beïnvloeden.”

Eén uitgesproken stijl hebben de twee niet. “We creëren voor elke nieuw productie een specifiek universum.” Wel gaan ze daarbij altijd op een bijna cinematografische wijze te werk. “Net als in films speelt ons werk zich niet af in één en dezelfde tijd, maar reizen wij in onze producties door ruimte en tijd. We werken ook heel lang aan het script en aan de dramaturgie. Ter voorbereiding kijken we vaak ook naar films, om heel precies te analyseren wat voor universum we willen verbeelden. Pas als we dat allemaal helder hebben gaan we met de dansers in de studio aan de slag.”

Dans in de 23ste eeuw

Een ander uitgangspunt in hun werk is de vervorming van de klassieke techniek. “We breken opzettelijk de regels van het klassieke ballet en zoeken naar andere manieren van bewegen, waarbij we ons bijvoorbeeld heel serieus afvragen hoe dans er in de drieëntwintigste eeuw zal uitzien.”

Over hun nauwe samenwerking, zegt Barberá: “We doen het echt samen, maar ik ben wel meer van de choreografie.” García: “Terwijl ik me meer bezighoud met elementen als licht, kostuums en het uitdenken van het universum dat we willen verbeelden.”

De twee vinden het buitengewoon spannend om hun creatie No Half Measures in 2020 over te dragen aan de dansers van Introdans, want dat is iets wat ze tot nu toe eigenlijk nog nooit gedaan hebben. Over de choreografie zeggen ze: “Het stuk is aanvankelijk ontwikkeld als een museuminstallatie. Je zou het kunnen omschrijven als een fysiek beeldhouwwerk, waarbij het lichaam steeds andere beelden creëert.”

Choreografieën van Meritxell Barberá en Inma García op het repertoire van Introdans: No half measures (2020).